#gaypride – Homovrijheid? “Homo’s en moslims, dat gaat niet samen.”

...

Vandaag is de botenparade van homofeest EuroPride in Amsterdam. Maar in het dagelijks leven voelen lang niet alle homo’s zich veilig in de stad. „Homo’s en moslims, dat gaat niet samen.” Het begon met schelden. Kankerhomo, vuile flikker! Daarna werd er gespuugd en gefloten. Ze gingen voor de deur staan als Steven van Helvoort (47) zijn hond uit wilde laten, voor zijn raam als hij in zijn woonkamer zat. Trokken de planten uit zijn voortuin. Steeds hetzelfde groepje jongens uit de buurt, Marokkaanse Nederlanders, tussen de 12 en 16 jaar. Toen kwam er stront op zijn ramen. Een steen door de ruit. Met Oud en Nieuw werd zijn brievenbus opgeblazen. „Het ging maar door”, zegt Van Helvoort (47) in zijn huis aan een ruim speelplein in Amsterdam-West. „Ik heb een paar keer de politie gebeld maar ze konden er niks aan doen. Er was geen bewijs, ze zagen het als op zichzelf staande incidenten. Toen was ik het zat. Spuugzat. Ik heb stadszender AT5 laten komen. Ook al raadde de politie dat mij af. Dan krijg je oorlog, zeiden ze. Ik dacht: laat het maar oorlog worden. Dan zit ik op kosten van Amsterdam in een hotel.” GAYPRIDEZaterdag, tijdens het laatste weekend van de EuroPride, is de Canal Parade, de extravagante botenoptocht door de Amsterdamse grachten. De afgelopen twee weken waren er door de hele stad filmavonden, debatten en feestjes in het teken van seksualiteit en tolerantie. Ook aanwezig is Mpho Tutu-van Furth, dochter van aartsbisschop en Nobelprijswinnaar Desmond Tutu. Zij moest onlangs van de Anglicaanse Kerk in Zuid-Afrika haar priesterlicentie inleveren, vanwege haar huwelijk met een vrouw. Zondag is ze voorganger bij de Roze Viering in de Keizersgrachtkerk. Zaterdag is de botenparade van de EuroPride in Amsterdam. De stad waar het eerste homohuwelijk ter wereld plaatsvond, is bijna aan het eind van een twee weken durende viering van trots, vrijheid en tolerantie. Maar in het dagelijks leven voelen lang niet alle homo’s zich veilig in Amsterdam, blijkt uit een recente publicatie van de gemeente. Iets minder dan een kwart van de Amsterdamse homoseksuele mannen voelde zich het afgelopen jaar gediscrimineerd. En 27 procent van deze groep voelt zich in het algemeen onveilig. De homovrijheid in Amsterdam bestaat niet meer, zegt Van Helvoort verbitterd. „Ja, met de GayPride. Dat is één dag per jaar.” Nadat hij de media had ingeschakeld, in 2011, werd het rustiger rond zijn huis in Amsterdam-West. Vooral dankzij twee jongerenwerkers die zich meldden en met de jongens gingen praten. Maar nog altijd wordt er gespuugd, zegt hij. Nu door de jongere broertjes. „Ik zit niet meer buiten bij het plein. Ik laat mijn hond niet ’s avonds uit. Een deel van mijn woongenot is weg. Het beïnvloedt je onbewust. Je wordt alerter, je kijkt meer achterom.” Hij is stellig. „Homo’s en moslims, dat gaat niet samen. In hun ogen ben ik nooit volwaardig.” De pesterijen en gesprekken met moslimvrienden hebben hem daarvan overtuigd. En de opmerkingen van Marokkaans-Nederlandse jongens uit de buurt, sommigen amper zes jaar oud: mijn vader zegt dat je homo bent, dus jij moet dood. „Ik was links”, zegt Van Helvoort, „ik heb nog tegen Janmaat gedemonstreerd. Maar ik ben heel rechts geworden.” Ook, zegt hij, omdat de buurtjongens hun gang kunnen blijven gaan. „Het enige wat de wijkagent kan doen, is praten.” Van de scholieren in Amsterdam staan die van Turkse en Marokkaanse afkomst inderdaad het vaakst negatief tegenover homoseksualiteit, blijkt uit de publicatie van de gemeente. Vooral in stadsdeel Nieuw-West, waar veel Turkse en Marokkaanse Nederlanders wonen, hebben scholieren een negatieve houding tegenover homo’s: 24 procent, tegenover 7 procent in stadsdeel Centrum. Homo’s uit Nieuw-West voelen zich dan ook het minst veilig, blijkt uit een ander onderzoek, de Veiligheidsmonitor van COC Amsterdam. Dat is overigens relatief: ze geven hun veiligheidsgevoel een 7,1. „Maar áls je iets vervelends overkomt, werkt dat heel ontregelend”, zegt de Amsterdamse COC-voorzitter Peter de Ruijter. Pas nog sprak hij iemand die kruipend over de galerij gaat, omdat hij niet wil dat de buurt weet waar hij woont. Ook Michèl Tromp, initiatiefnemer van netwerkorganisatie Pink Nieuw-West, hoort op borrels dat soort verhalen. Mensen die als ze iemand mee naar huis nemen zeggen: wacht even vijf minuten om de hoek, dan zien ze niet dat we samenzijn. Tegelijkertijd, zegt hij, ondervindt zijn stichting weinig weerstand in de buurt. „Als we buiten met onze regenboogvlaggen koffie zitten te drinken, komen jongeren gewoon naast ons zitten. Ook die met niet-Nederlandse ouders.” Tweede Kamerlid Ahmed Marcouch (PvdA) was tussen 2006 en 2009 stadsdeelvoorzitter van Slotervaart (nu Nieuw-West). Homo-emancipatie werd zijn speerpunt. „Ik vond dat het klaar moest zijn”, zegt hij. „Dat we als bestuur naast de bange LHBT’ers moesten staan. Ik wilde het onderwerp bespreekbaar maken in de kringen waar het niet aan de orde kwam.” In 2009 startte de GayPride, symbolisch, in Slotervaart. Tot op de dag van vandaag wordt hij door moslims aangesproken: u bent toch moslim en Marokkaan, hoe zit dat eigenlijk met die homo’s? „Dan kan ik corrigeren. Ik zeg dan: ik vind dat homo’s het recht hebben in vrijheid zichzelf te zijn. Dat is dezelfde vrijheid waardoor orthodoxe moslims hun geloof kunnen belijden. Ik wil niet in een samenleving leven waar mensen bang voor elkaar zijn. Ik wil niet dat homo’s alleen zijn.” Het kost Marcouch kiezers. Er zijn moslims die hem verguizen. Marcouch, homo!, krijgt hij vaak naar zijn hoofd. Op internet circuleert een filmpje dat zo gemonteerd is dat het lijkt alsof hij vertelt dat hij op mannen valt. „Maar ik heb er geen moment spijt van. Ik zie dat het versnellend heeft gewerkt. Er zijn steeds meer initiatieven die ontplooid worden binnen Turkse en Marokkaanse netwerken. Na de schietpartij in Orlando was er bijvoorbeeld een iftar [avondmaaltijd tijdens de ramadan] in de Indische Buurt in Amsterdam.” Voor een paradigmaverschuiving is het volgens Marcouch belangrijk dat mensen die „moslim, hetero en gezaghebbend” zijn homoseksualiteit bespreekbaar maken. „Een homo wordt niet serieus genomen. Dan overbrug je het wij-zij-denken niet. Ik ben hetzelfde als zij, ik heb alleen een andere gedachtegang. Ik accepteer homo’s, juist omdat ik moslim ben. Elke soera [Koranhoofdstuk] begint met barmhartigheid!” Voorlichting is niet voldoende, zegt Marcouch. „Je hebt sleutelfiguren nodig die dit onderwerp in huiskamers bespreekbaar maken, ten koste van electoraal gewin.” Homo-emancipatie vergt een lange adem in een stadsdeel waar 152 culturen wonen, zegt zijn opvolger, Achmed Baâdoud (PvdA). „Ja, hier botst het. Maar waar wrijving is, komt glans.” Het onderzoek van de gemeente wijst voorzichtig in die richting. Tweedegeneratiemigranten hebben gemiddeld positievere opvattingen over homo’s en transgenders dan de eerste generatie, vermoedelijk vooral door onderwijs. En onder scholieren van Turkse en Marokkaanse afkomst is de negatieve houding ten opzichte van homo’s het sterkst afgenomen. – BRON

Rood, wit en blauw zijn de kleuren waarvan ik hou!

%d bloggers liken dit: