Gelukszoekers in Bloemendaal zijn boos dat ze nog geen gratis huis hebben gekregen

...

Waar Nederlanders jaren moeten wachten op een wachtlijst voor een huurwoning, zijn de prinsjes uit Syrië en Eritrea boos omdat ze nog geen gratis huis hebben gekregen. Verder weigeren de vrouwen de hand te schudden van Nederlanders, en stormen de gelukszoekers boos de ruimte uit als er iemand anders alcohol drinkt. Ook vinden zij dat huisdieren smeriger zijn dan ratten… Verder krijgen ze 58 euro per week aan gratis geld, en komt er iemand langs met Arabische producten. Zijn we nog wel in Nederland? Aanpassen en integreren is er niet bij, want de verderfelijke Nederlanders zijn alleen goed genoeg om ze een gratis huis te schenken. Lees het hele stuk onder de foto!

OPROTTEN

BLOEMENDAAL – Een vader geeft fietsles aan zijn dochter. Een vrouw hangt de was op. Een groepje mannen heeft schik om een jongetje dat in een speelgoedautootje rijdt. In de binnentuin zitten mensen met elkaar te babbelen. Alles oogt rustig op landgoed Dennenheuvel in Bloemendaal, waar sinds enkele maanden zo’n zestig statushouders wonen. Vluchtelingen uit Syrië en Eritrea met een verblijfsvergunning. Franka Insinger en Mark Doorn zijn huismeesters van Dennenheuvel. Zij zijn aanspreekpunt voor de vluchtelingen, die daar tijdelijk zijn gehuisvest. Sommigen met hun gezin, de meesten in afwachting van hun familie. Ze hebben een ding gemeen: ze wachten op een huis. Dat kan wel een paar jaar duren. Over hun komst is heel veel te doen geweest, maar nu de bewoners er zijn is de kritiek verstomd. Althans, voor zover de huismeesters weten. „Mensen die wij spreken zijn positief ”, vertellen Franka en Mark. „En de inzet van de tientallen vrijwilligers die hier komen helpen is hartverwarmend.” Het is druk tijdens het spreekuur van Vluchtelingenwerk op landgoed Dennenheuvel. Met dikke dossiers op schoot zitten tientallen Syriërs en Eritreeërs te wachten op een gesprek. Het gaat goed in Dennenheuvel, vinden Franka en Mark. „Er zijn geen grote problemen, ondanks het feit dat hier moslims en christenen bij elkaar in een gebouw wonen.” Franka en Mark willen meer zijn dan huismeesters. Beiden hebben zich tot doel gesteld om van de groep uiteenlopende mensen een prettige samenleving in het klein te maken. „Een gemeenschap waarin mensen zichzelf kunnen zijn maar ook elkaar ontmoeten, waarderen en respecteren.” Dat betekent veel praten, overleggen, en bruggen slaan tussen verschillende culturen. ,,Want in wezen wil iedereen hetzelfde’’, vindt Franka. ,,Het gaat erom elkaar te vinden in wat je gemeen hebt: behoefte aan liefde, zorg, aandacht en veiligheid.’’ Uitgangspunt is: hoe houden we het gezellig. Want voor de statushouders is Dennenheuvel de zoveelste plek in Nederland waar ze tijdelijk komen te wonen. „Dat ze nog steeds geen eigen huis hebben is voor veel mensen een teleurstelling. Het minste wat wij kunnen doen is hen een thuisgevoel geven.” Landgoed Dennenheuvel bestaat uit twee gebouwen: Euphrasia en Dennenheuvel. Euphrasia is een voormalig klooster van de Zusters van de Goede Herder. Dennenheuvel is een verzorgingshuis geweest. Euphrasia zit zo langzamerhand vol, in Dennenheuvel is nog volop plek. „In het najaar verwachten we de laatste mensen.’’ In beide gebouwen is veel aangepast aan de komst van de nieuwe bewoners. Kamers zijn ruimer gemaakt, gemeenschappelijke keukens ingericht, huiskamers en ontmoetingsruimtes gecreëerd. Toch oogt het geheel, ondanks alle inzet, een beetje als een samenraapsel. Mark: „We doen ons best, maar we moeten het doen met wat we krijgen.” En veel moet nog worden ingericht. „We willen een timmerwerkplaats maken en een creatieve ruimte waar bewoners lekker aan de slag kunnen. Daar komt ook een naaiatelier.” Dat moet sommige bewoners een doel geven. „Iedereen wil graag werken”, vertellen Franka en Mark. „Mensen vinden het vreselijk om niets te doen en willen heel graag iets betekenen.” Franka en Mark organiseren het nodige om de saamhorigheid te versterken. „Mensen staan open voor gezamenlijke activiteiten. Samen eten, feesten of sporten. Dat verbroedert. Bewoners komen met elkaar in contact. Harten gaan open.” Maar soms worden Franka en Mark geconfronteerd met cultuurverschillen. Mark: „Er kwam een nieuwe groep bewoners aan en ik gaf iedereen een hand. Een vrouw gaf vriendelijk aan dat zij dat niet kon doen op grond van haar geloof. Ik voelde me in eerste instantie ongemakkelijk. Maar uiteindelijk vond ik het geen probleem, want door de aardige manier waarop zij dit deed begreep ik ook dat ik het niet persoonlijk moest zien.” Franka: „Dat zijn nou juist de zaken waarover we het met elkaar hier in huis willen hebben.” Franka geeft een ander voorbeeld. „Ik had alle bewoners uitgenodigd voor een feestje in de tuin. Iedereen zou wat te eten of drinken meenemen. Sommige bewoners namen een fles wijn of wat blikjes bier mee. Toen een aantal moslims dat zag, verontschuldigden zij zich en gingen weg. We hebben hier later met elkaar over gepraat. Zij hebben me uitgelegd dat ze op grond van hun geloof op geen enkele manier met alcohol in aanraking willen komen. Dat wil ik respecteren. En tegelijkertijd wil ik ook dat we samen kunnen feestvieren. Er moet ook ruimte zijn voor bewoners die graag een biertje of wijntje drinken. We hebben toen samen besloten om sommige etentjes of feesten alcoholvrij te houden en andere weer niet.’’ Wat doen de bewoners de hele dag? Ze krijgen drie keer in de week taalles. Ze moeten voor hun eigen eten zorgen. Daarvoor krijgen ze 58 euro zakgeld in de week. Ze halen boodschappen, koken, zorgen voor de kinderen en gaan erop uit. Naar het dorp of met de trein naar de zwarte markt in Beverwijk of naar de Lidl en Aldi. „Een keer in de twee weken komt hier een man met een busje met Arabische produkten. Dan koopt iedereen in en lijkt het hier net een oosterse bazaar.” Zelfs hond Woody speelt een rol in het inburgeringsproces. „Veel bewoners vinden het vreemd dat wij een hond als huisdier hebben. Voor hen is een hond een vies dier, een soort rat. Toch zien we heel voorzichtige toenaderingspogingen. Kinderen willen de hond graag aaien. Volwassenen moeten er erg aan wennen, maar ook zij worden iets toeschietelijker. Zo leren ze gaandeweg ook iets over onze samenleving en gewoontes.” – BRON

One comment on “Gelukszoekers in Bloemendaal zijn boos dat ze nog geen gratis huis hebben gekregen
  1. Pingback: Fractievoorzitter D66 Bloemendaal JERKer Westphal vindt het een "groot compliment" wanneer gelukszoekers zich niet aanpassen - Liefde voor Holland

Rood, wit en blauw zijn de kleuren waarvan ik hou!

%d bloggers liken dit: